Gedroogde vruchten komen vaak van ver, uit landen als Turkije, Italië, Amerika en Australië. Rozijnen en krenten worden gemaakt door druiven te drogen, maar ook appels, abrikozen en pruimen worden gedroogd.
Het drogen gebeurt vaak in de buitenlucht, liefst in de zon, maar ook wel in een droogtunnel. Een droogtunnel is een groot langwerpig apparaat, waarin hete lucht wordt geblazen.De vruchten gaan op een lopende band door de droogtunnel. Daarbij verdampt er water uit de vruchten, waardoor ze kleiner en donkerder worden.
Gedroogd fruit bevat meer energie en heeft een hogere voedingswaarde dan vers fruit. Dit blijkt uit een onderzoek van TNO. Dit komt doordat het vocht voor een gedeelte uit de vrucht gehaald is, waarbij de voedingstoffen, zoals koolhydraten, voedingsvezel, vitamines en mineralen, bewaard blijven.
De voedingswaarde per gewichtseenheid is dus hoger dan bij verse vruchten. Gemiddeld leveren ze ongeveer 245 kcal per 100 gram. Hiervan is 92 to 98 energieprocent afkomstig van koolhydraten en het overige van (plantaardig) eiwit. Gedroogde zuidvruchten zijn relatief rijk aan vitamine B1, vitamine B6, foliumzuur, ijzer, magnesium, koper en kalium. Tevens zijn de meeste gedroogde zuidvruchten, vooral gedroogde vijgen, gedroogde pruimen en gedroogde abrikozen rijk aan voedigsvezels.